“Circulariteit gaat verder dan alleen de CO2-footprint”

De Business Unit Glastuinbouw & Bloembollen van Wageningen University & Research onderzoekt de komende jaren wat circulaire glastuinbouw betekent voor tuinbouwondernemingen. Het onderzoek wordt gefinancierd door de Club van 100, waarvan een aantal leden ook in de begeleidingscommissie (bco) van het onderzoek zit, zoals veredelingsbedrijf Florensis. Greenport West-Holland sprak erover met teeltspecialist/onderzoeker Alex Leinenga en manager duurzaamheid en communicatie Regina Dinkla.

Op welke manier werkt Florensis aan circulariteit?
Alex: “Ons doel voor 2025 is het verlagen van onze CO2-footprint. Daarom kijken we kritisch naar zaken als energieverbruik, reststromen, afval en gewasbeschermingsmiddelen. Dat doen we samen met onze buitenlandse vestigingen.”

Regina: “Vorig jaar organiseerden we een duurzaamheidsprijs voor medewerkers. Daaruit kwamen veel goede ideeën. Het winnende idee had betrekking op het plantmateriaal dat we gebruiken in shows: kunnen we dat niet composteren en mengen met de potgrond die we kopen? We zijn dat idee en andere suggesties nu verder aan het uitwerken.”

Speelt geld daarbij een rol?
Alex: “Het mooie is dat duurzame maatregelen soms geld kunnen besparen. Een voorbeeld is gewasbescherming. Na gebruik van chemische middelen mogen medewerkers een tijdje niet in de kas komen; dat probleem heb je niet bij de meeste biologische middelen.”

Regina: “In onze vestigingen in Kenia en Ethiopië werden plastic zakken voor de moederplantenteelt gebruikt. Die werden na afloop weggegooid. Hier worden nu plastic plantencontainers voor gebruikt die meermalig gebruikt kunnen worden. Ook zijn onze bekende blauwe kunststof Florensis-trays naar Kenia gegaan voor het opkweken van stekmateriaal. Deze kunnen na productie gewassen en hergebruikt worden.”

Wat is de drijvende kracht achter die ambitie?
Regina: “Een aantal jaar geleden heeft de directie van Florensis duurzaamheid hoog op de agenda gezet. Het verlagen van de CO2-footprint is daarbij onze ambitie voor 2025. Zo wordt de footprint van het transport vanuit Kenia gecompenseerd met lokale bomenaanplant: jaarlijks worden 6.000 bomen geplant in de buurt van onze locatie in Kenia door een externe partij. Maar circulariteit gaat verder dan alleen de CO2-footprint. Zo zijn we aangesloten bij het Floriculture Sustainability Initiative (FSI): ik zit namens Florensis in de werkgroep Leefbaar Loon. Samen met onder meer de retail zoeken we hoe we de verschillen hier kunnen verminderen en uiteindelijk hopelijk oplossen.”

Hoe belangrijk is samenwerking met ketenpartners?
Alex: “Je kunt het niet alleen, je hebt elkaar nodig. Maar soms zorgt dat ook voor een spagaat. Zo willen retailers dat er minder gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt. Maar ze willen ook geen producten waarop insecten zitten. Dan kun je dus geen natuurlijke vijanden inzetten. Het gebruik van groene middelen is dan een goed alternatief, maar daarvoor moet je andere zaken aanpassen, zoals vocht en temperatuur tijdens de teelt.”

Hoe zijn jullie betrokken bij het project Circulaire Glastuinbouw?
Alex: “De toenmalige projectleider vroeg ons erbij. Hij zocht een bedrijf dat midden in de praktijk staat om mee te kunnen sparren. En het biedt ons de kans snel te schakelen en oplossingen te testen in de praktijk. Zo onderzoeken we of ‘peat free’ kweken van planten werkt. Dat kunnen we dan vervolgens laten zien aan onze klanten.”

Over het project Circulaire Glastuinbouw
In het project Circulaire Glastuinbouw onderzoekt de Business Unit Glastuinbouw & Bloembollen van Wageningen University & Research de gevolgen van de circulaire economie voor glastuinbouwbedrijven. Het onderzoek wordt gefinancierd door de Club van 100. Greenport West-Holland is medeverantwoordelijk voor de externe communicatie.


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven