Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven

U maakt gebruik van software die onze advertenties blokkeert (adblocker).

Omdat wij het nieuws gratis aanbieden zijn wij afhankelijk van banner-inkomsten. Schakel dus uw adblocker uit en herlaad de pagina om deze site te blijven gebruiken.
Bedankt!

Klik hier voor een uitleg over het uitzetten van uw adblocker.

Meld je nu aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief en blijf up-to-date met al het laatste nieuws!

Abonneren Ik ben al ingeschreven
Levi en Thomas Evers, BredeFleur

Op leliereis naar Vietnam, Nieuw-Zeeland en Australië

Tholen - In verre landen een beetje neuzen hoe een en ander daar toegaat en contacten met leveranciers aanhalen, dat is nu het nuttige met het aangename verenigen. In een notendop is dat ook wat de gebroeders Thomas en Levi Evers van leliekwekerij BredeFleur naar Vietnam, Nieuw-Zeeland en Australië bracht. Weer terug in Nederland kijkt Levi terug op zijn ontdekkingsreis.



50 miljoen stelen in één week
Misschien wel de belangrijkste reden om naar Vietnam af te reizen, zat hem in het willen meemaken van het Tết festival. Het Tết festival, dat bij ons beter bekend is als het Chinese nieuwjaar, is een waar bloemenfestijn en tegelijk is het land een van de hardst groeiende lelie producerende landen ter wereld. Werden er een jaar of tien geleden enkele miljoenen geproduceerd, nu zijn dat er meer dan 100 miljoen op jaarbasis. De helft daarvan is bedoeld voor dit festival en allemaal in één week opgeplant.

Dat moesten de jongens eens van dichtbij zien. “In de omgeving van Hanoi, waar wij waren, had je heel veel kleine kwekerijtjes. Die zitten allemaal heel dicht op elkaar, zodat je je makkelijk zou kunnen vergissen door te denken dat het een grote kwekerij is, maar dat is dus niet zo. Er wordt niets geïmporteerd en niets geëxporteerd, alles is lokaal. De consumenten hebben veel geld over voor een bloemetje en steeds meer ook omdat de economie in het land hard groeit. Daarnaast is men gek op bloemen. Overal waar je komt, vind je ze. Bovendien is men kritisch: de kwaliteit is overwegend hoog, wat vast met het klimaat te maken heeft, maar ook met het feit dat men ondermaats niet accepteert. Niet zwaar genoeg is niet goed genoeg. En als laatste heeft de lelie nog een natuurlijk voordeel: hij staat langer dan andere bloemen, die minder goed bestand zijn tegen de hoge temperaturen.”


 
Nieuw-Zeeland
In Nieuw-Zeeland, de volgende halte, werden vooral bollenleverancier bezocht. In het land worden veel bollen geteeld, die veelal voor de Aziatische markt, maar vaak ook voor de Europese/Nederlandse markt bestemd zijn. Veel leliebroeiers importeren bollen van de andere kant van de globe, omdat zodoende een jaarrond hoogwaardig product kan worden waarborgen. Dat geldt niet voor alle variëteiten, legt Levi uit, maar wel voor een aantal. “Bollen moeten altijd eerst een half jaar de koeling in. Dat zou betekenen dat je, wanneer hier de bollen geoogst worden, een half jaar moet wachten totdat je weer productie kunt gaan draaien. Sommige bollen kun je ook langer in die koeling houden, maar voor anderen gaat dat niet. Dan krijg je een kwalitatief minder product en om dat op te vangen, importeren wij en collega-kwekers ze uit zuidelijke contreien.”

Dit deel van de reis wat nuttig voor de contacten, maar volgens Levi in mindere mate een ‘ontdekking’. “Je moet weten, het gaat daar eigenlijk allemaal op de Hollandse manier. De bollenteelt is ook daar een Nederlands onderonsje en de telers ter plaatsje hebben praktisch allemaal roots in de Hollandse klei.”


 
Australië
Australië, tot slot, maakte weer indruk om een heel andere reden. “We hebben er wat bloemkwekerijen bezocht en zijn bij een handelaar wezen kijken hoe een en ander op het gebied van handel daar plaatsvindt. Het is echter geen bollenland zoals Nederland of Nieuw-Zeeland en maakt ook geen heftige ontwikkelingen door als in Vietnam. Maar wat ons wel weer opviel, is het lokale karakter ervan. Je denkt dat die markt niet zo groot is, maar omdat er niks in of uit gaat, zie je van buiten ook niet wat er wel gebeurt en geteeld en verhandeld wordt. Dus als je je realiseert dat alle 50 miljoen stelen die er geproduceerd worden allemaal verkocht worden aan de slechts 25 miljoen mensen die er wonen, dan kom je op 2 stelen de man. Hoe die cijfers liggen in Nederland weet ik niet, maar ik vraag me af of we dat hier halen!”
 
Afgelopen weekend kwamen de gebroeders weer terug en nu kunnen ze weer aan de bak. Samen met vader Piet en broer Peter staan zij aan het roer van een van de grote leliekwekerijen van Nederland, waar op twee locaties (in Moerkapelle en Luttelgeest ) jaarlijks vele miljoenen stelen geproduceerd worden.

Klik hier voor meer foto's

Voor meer informatie:
Bredefleur Moerkapelle
Bredeweg 40
2752AA Moerkapelle
Levi Evers: 06-10857756
E: [email protected]
www.bredefleur.nl