Kwekers houden zich beter aan de afspraken om minder gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken. Dat blijkt uit het onderzoek dat Tuinbranche Nederland liet doen naar gewasbeschermingsmiddelen op tuinplanten. Het onderzoek werd uitgevoerd door CLM in samenwerking met Natuur & Milieu.

Verder blijkt uit het onderzoek dat het percentage planten met residu de laatste jaren schommelt rond de 80% (73 - 84%). Bij planten met residuen gaat het gemiddeld om iets minder dan drie verschillende stoffen (inclusief afbraakproducten) per plant. Op in Nederland gekweekte planten zijn vorig jaar geen GP9-stoffen aangetroffen. Ook zijn er dit jaar geen TR5-stoffen aangetroffen en zat er alleen op buitenland gekweekte planten illegale stoffen. Er zat op 2% van de tuinplanten een illegale stof en dat is een verbetering ten opzichte van 2021. Rododendron en klokjesbloem voldoen al twee jaar aan de ambitie van Natuur en Milieu maar bij anjer is er sprake van verslechtering.

Ten opzichte van de voorgaande jaren is verbetering zichtbaar. De planten die in Nederland zijn gekweekt bevatten geen middelen meer die bij wet verboden zijn. Wel is er meer zicht nodig op tuinplanten die in het buitenland worden gekweekt. Daarnaast hebben de tuincentra en kwekers aangegeven een stap verder te willen dan de wettelijke regels ten aanzien van bestrijdingsmiddelen. Daar is nog wel werk voor nodig.

De onderzoekers hebben gekeken naar bijna honderd planten van acht verschillende tuincentra en kwekers. Ze keken naar veel verkochte planten zoals lavendel, rododendron, anjer, hortensia en buxus en naar een aantal zachtfruitsoorten zoals aardbei en blauwe bes. De planten werden getest op 750 verschillende bestrijdingsmiddelen.

Onderzoek
In totaal werden er 51 verschillende gewasbeschermingsmiddelen gevonden, met een gemiddelde van bijna drie per plant. Op slechts 15 planten waren geen middelen terug te vinden. Op 81 planten zaten dus wel resten van gewasbeschermingsmiddelen, dat beeld is vergelijkbaar aan voorgaande jaren. Planten van Nederlandse bodem bevatten voor het eerste jaar geen illegale middelen. Op in het buitenland gekweekte planten werden nog wel middelen gevonden, waarvan de aangesloten tuincentra hadden toegezegd ermee te stoppen. Dit was het geval bij een kwart van de lavendelplanten en 13% van de anjers. Al met al lieten de kwekers en retailers zien de afspraken uit de eigen "Ambitie Bestrijdingsmiddelen 4.0" op Nederlandse planten beter na te komen.

Nieuwe ambitie
Vanaf januari 2024 geldt de ambitie 5.0. De tuinbranche heeft hierin met haar leden nieuwe afspraken gemaakt ten aanzien van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op sierteelt. In deze afspraken gaat het om het verminderen van de meest schadelijke middelen, meer inzet van natuurlijke vijanden zoals roofinsecten en bijvoorbeeld de kweek in buitenlucht voor betere weerbaarheid.

Goed voor insecten
Natuur & Milieu steunt de nieuwe ambitie en moedigt alle partijen aan om verdergaande stappen te zetten. "Uiteindelijk willen we toe naar kamerplanten en tuinplanten zonder gewasbeschermingsmiddelen. Alleen dan zorg je voor een gezonde leefomgeving voor de planten en dieren op jouw balkon of kamer. En daar hoort bij dat we af en toe een wormpje of vliegje accepteren. Planten zijn levende wezens, daar horen levende dieren bij", aldus Berthe Brouwer, programmaleider bestrijdingsmiddelen bij Natuur & Milieu.

Wat kan men zelf doen?
Als de kwekers hun best doen, grijp dan zelf ook niet naar de gifspuit. Dat zou heel erg zonde zijn. Het advies is om zich te verdiepen in natuurlijke methodes, zoals een gevarieerde samenstelling van planten, schoffelen, gebruik van heet water of roep de hulp van in wormpjes en vogels. Koop bij voorkeur planten met een biologisch keurmerk. Inheemse planten hebben vaak minder bestrijdingsmiddelen nodig dan exotische parels, omdat ze bekend zijn met de insecten en ziektes uit Nederland.

Lees hier het rapport van bestrijdingsmiddelen in tuinplanten 2023 van Natuur en Milieu.