Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven

U maakt gebruik van software die onze advertenties blokkeert (adblocker).

Omdat wij het nieuws gratis aanbieden zijn wij afhankelijk van banner-inkomsten. Schakel dus uw adblocker uit en herlaad de pagina om deze site te blijven gebruiken.
Bedankt!

Klik hier voor een uitleg over het uitzetten van uw adblocker.

Meld je nu aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief en blijf up-to-date met al het laatste nieuws!

Abonneren Ik ben al ingeschreven

Hoe komt de roofmijt de winter door?

Door de huidige energieprijzen zullen sommige telers deze winter minder stoken en/of belichten. Dit kan invloed hebben op de biologische bestrijders, die effectief zijn afhankelijk van de temperatuur. Koppert krijgt veel over hoe effectief roofmijten bij lagere temperaturen zijn. Wat zijn de mogelijkheden om toch goed met roofmijten de winter door te komen?

Limonica effectief bij lagere temperaturen
Uit onderzoek is gebleken dat Limonica het beste presteert bij lagere temperaturen. Limonica is voornamelijk actief tegen trips en witte vlieg. Al vanaf van 5°C kan Limonica overleven. De vraatcapaciteit is natuurlijk wel afhankelijk van de temperatuur. De roofmijten worden koel geleverd bij een temperatuur van 10-12°C en zijn dan nog net niet actief genoeg om te bestrijden. Ze worden actiever bij opwarming. Dit komt omdat de roofmijten koudbloedig zijn.

In de winter kan de temperatuur in de kas ’s ochtends wegzakken naar 10°C, maar onder invloed van de zon weer oplopen naar 18-20°C. Een etmaaltemperatuur kan dan uitkomen op bijvoorbeeld 14°C. Dat betekent dat de roofmijten ’s ochtends niet actief zijn maar in de loop van de dag actiever worden. Gedurende deze periode hebben de roofmijten ook voedsel nodig om te overleven en te vermeerderen. Daarom is het belangrijk om ze extra bij te voeren.

Bijvoeren zorgt voor meer roofmijten
Afgelopen jaar heeft men proeven gedaan met het bijvoeren van Nutari (Carpoglyphus voermijten) samen met Artefeed (Artemia). Die laatste zijn gesteriliseerde pekelkreeftcysten, die lang in het gewas als voedselbron kunnen dienen.

In chrysant heeft men gezien dat Artefeed niet van het gewas wordt geregend. Het komt dan juist aan de onderkant van het blad en ook in de bladoksels en groeipunten. Dit is de plek waar de roofmijten zich ook bevinden.

De combinatie van Nutari en Artefeed gaf 50% meer roofmijten in het gewas. In dit onderzoek werd zes weken achter elkaar Nutari met en zonder Artefeed verblazen. Per week zag je het aantal roofmijten in het gewas stijgen.

Advies is om juist in deze periode te blijven bijvoeren met Nutari en Artefeed om zo de roofmijten actief te houden in het gewas. Half januari 2023 introduceert Koppert een nieuw bijvoerproduct met zowel Carpoglyphus voermijten en Artemia cysten.

In teelten waar geen residu op het blad mag achterblijven, zoals potplanten, kan Artefeed ook los verblazen worden met de Mini-Airbug.

Voor meer informatie:
Koppert Biological Systems
info@koppert.com
www.koppert.com

Publicatiedatum: