In april 2026 introduceert Koppert de biologische oplossing Franklinothrips vespiformis, ontwikkeld om de toenemende druk van invasieve, bladbewonende tripssoorten aan te pakken. Het product wordt in eerste instantie onder white label beschikbaar gemaakt voor Nederland en België, zodat Koppert samen met telers in de praktijk kan werken aan het verfijnen van toepassing en strategie. Door deze gecontroleerde introductie kunnen telers nu al profiteren van de nieuwe predator, terwijl ervaringen direct worden meegenomen in de verdere optimalisatie richting een bredere internationale uitrol.
© Koppert Biological System
Effectief tegen lastig te bestrijden tripssoorten
Tripsproblemen zijn er in vele soorten en maten, maar vooral de bladbewonende varianten geven telers de laatste jaren steeds meer hoofdbrekens. Precies daar komt Franklinothrips vespiformis het beste tot zijn recht. Deze rooftrips voelt zich thuis op het bladoppervlak en is daardoor bijzonder effectief tegen soorten die zich minder laten raken door traditionele predatoren of chemische middelen.
Vooral Echinothrips americanus, Thrips setosus en Chaetanaphothrips orchidii blijken gevoelig voor deze predator. Hoewel F. vespiformis geen nieuw organisme is, was commerciële toepassing tot nu toe nauwelijks mogelijk door productie- en distributiebeperkingen.
Wat maakt Franklinothrips vespiformis uniek?
De rooftrips valt op door zijn gedrag, effectiviteit en zichtbaarheid in het gewas:
1. Actieve jager op bladbewonende trips
In tegenstelling tot veel andere biologische bestrijders die vooral effect hebben op tripslarven in bloemen, richt F. vespiformis zich juist op tripssoorten die op het blad leven, waar nu vaak de grootste hiaten in bestrijding zitten.
2. Effectief in situaties met hoge plaagdruk
Uit proeven blijkt dat F. vespiformis bijzonder goed presteert wanneer de plaagdruk hoog is, zeker in combinatie met gerichte bijvoeding.
3. Zichtbare en opvallende predator
Met zijn zwarte "mierenachtige" uiterlijk en rode larven is F. vespiformis goed terug te vinden in het gewas, een eigenschap die veel telers waarderen omdat het inzicht geeft in de werking van het middel.
4. Puzzelstukje in geïntegreerde tripsbestrijding
F. vespiformis vervangt geen bestaande oplossingen, maar vult ze aan: vooral bij lastige soorten waar roofmijten of Orius minder goed uit de verf komen.
Geschikt voor zowel sierteelt als groenteteelt
De toepassing van F. vespiformis is breed. In siergewassen zoals potplanten en gerbera blijkt hij een waardevolle aanvulling wanneer er sprake is van een hoge druk van invasieve trips. Maar ook in groenten zoals paprika en komkommer laat deze rooftrips zien dat hij zich goed kan vestigen, mits de omstandigheden gunstig zijn.
Vooral hogere temperaturen en een goede voedselbron dragen sterk bij aan een succesvolle populatieopbouw.
© Koppert Biological System
Preventieve inzet: vroeg beginnen loont
Wanneer telers F. vespiformis al vroeg introduceren, nog vóórdat trips echt zichtbaar wordt, kan de populatie zich rustig opbouwen. Bij preventief gebruik is bijvoeding absoluut noodzakelijk: zonder aanvullende voedselbron zakt de populatie binnen enkele dagen in.
In teelten waar preventief bijvoeren al gangbaar is, zoals bij sommige rozen- en potplantenbedrijven, wordt de rooftrips doorgaans snel en stabiel teruggevonden.
Curatieve inzet: krachtig bij hoge plaagdruk
Ook wanneer er al sprake is van een duidelijke plaagdruk kan F. vespiformis succesvol worden ingezet. De rooftrips profiteert van de aanwezigheid van voldoende prooi en is dan vaak beter zichtbaar in het gewas.
Wel vraagt een curatieve strategie om hogere doseringen en geduld: resultaten worden meestal pas na enkele weken zichtbaar, omdat de predator tijd nodig heeft om een populatie op te bouwen.
De juiste omstandigheden maken het verschil
Voor een optimale werking zijn enkele randvoorwaarden belangrijk: temperatuur boven 18°C, regelmatige bijvoeding, en beperkt gebruik van chemische middelen.
Juist in complexere situaties, waar bladbewonende trips de overhand krijgen en traditionele oplossingen tekortschieten, kan F. vespiformis volgens Koppert uitgroeien tot een waardevol onderdeel van geïntegreerde bestrijding.
Koppert nodigt telers uit om samen met specialisten te ontdekken hoe F. vespiformis het beste rendeert binnen hun specifieke teeltsituatie.
Voor meer informatie:
Koppert
[email protected]
https://www.koppert.nl/