Intratuin zet stevig in op 'het nieuwe tuinieren', een aanpak die volgens de keten eigenlijk neerkomt op een terugkeer naar vroeger: tuinieren zonder chemische middelen. De retailer wil consumenten stimuleren om te kiezen voor sterke, weerbare planten en een gezonde bodem, zodat de natuur het werk zelf kan doen. Directeur Peter Paul Kleinbussink noemt het in Trouw een noodzakelijke omslag: "Je kunt het ook het oude tuinieren noemen, want in feite halen we terug wat we vroeger deden." Daarmee wil Intratuin breken met decennialange afhankelijkheid van bestrijdingsmiddelen en de focus op 'perfecte' planten.
Centraal in de nieuwe strategie staan bodemgezondheid en biodiversiteit. Intratuin verkoopt inmiddels geen kunstmest meer en zet in op organische voeding, biologische bestrijding en natuurlijke oplossingen zoals insecten. "Als de bodem goed is en je stopt daar weerbare plantjes in, dan heb je eigenlijk geen bestrijding nodig, want dan doet de natuur zijn werk", aldus Kleinbussink. De keten wil klanten laten zien dat deze manier van tuinieren niet alleen duurzamer is, maar ook makkelijker en leuker, zelfs voor mensen zonder groene vingers.
De ambitie is om in 2030 minimaal 70 procent van het assortiment chemievrij te hebben, al erkent Intratuin dat dit tijd kost, omdat de hele keten moet meebewegen. Volgens duurzaamheidsmanager Elise Wieringa vraagt dat om nauwe samenwerking met kwekers en veredelaars, én om andere keuzes in het assortiment. "Het kost tijd om anders te denken", zegt Kleinbussink. Tegelijk groeit het aanbod: het aantal biologische planten stijgt snel en ook concurrenten sluiten zich aan bij de ambitie. De uitdaging blijft of consumenten deze omslag omarmen, maar Intratuin is overtuigd: chemievrij tuinieren is de toekomst.
Kleinbussink deelt op LinkedIn dat het "eigenlijk heel simpel is. Als de bodem gezond is en planten weerbaar zijn, hoef je minder te bestrijden. Dan gaan insecten, micro-organismen en seizoenen weer voor je werken in plaats van tegen je. Tegelijkertijd is het ook complex. De hele keten moet meebewegen. Soms nemen we afscheid van leveranciers met wie we al tientallen jaren samenwerken. Soms moeten we 'nee' verkopen aan populaire producten. En we vragen ook iets van klanten: anders kijken, anders kiezen. Toch geloof ik dat dit de enige route is en ben ik trots dat we dit samen aangaan. Voor onze tuinen. Voor de sector. En uiteindelijk voor de generaties na ons."