Iedereen wil minder chemie en meer biologie. Het staat in elk beleidsplan, in toespraken, in sectorvisies. Maar als er dan eindelijk een concreet voorstel ligt om die versnelling mogelijk te maken, trappen we op de rem. Dat constateert Thomas Kern, Manager Business Development & Strategy bij Royal Brinkman. Voorzorg wordt een handrem, politieke voorzichtigheid een excuus, schrijft hij in deze column. "En zo blokkeren we precies de oplossing die we nodig hebben. En dat terwijl de teler in de kas blijft wachten op gereedschap dat maar niet komt."
Onderkant formulier
Bijna had ik gezegd: nieuw jaar, nieuwe kansen. Want Brussel deed iets ongebruikelijks: het stelde voor om regels eenvoudiger te maken. De snelheid gaat eindelijk omhoog. Vooral voor biologische en laag-risicomiddelen die nu jarenlang vastzitten in een toelatingssysteem dat is ontworpen voor chemie uit de vorige eeuw. De verontwaardiging was er direct. Na een eerste alarmering stonden de kranten vol met hetzelfde geluid, uitmondend in een brandbrief van organisaties en wetenschappers. Het sentiment was duidelijk: dit Europese plan is levensgevaarlijk. De politiek reageerde meteen met een motie die Nederland met een keiharde opdracht naar Brussel stuurt: stem tegen. Het voorstel heet het Food & Feed Omnibus-pakket. De kern is eigenlijk eenvoudig: maak onderscheid tussen hoge en lage risico's. Versnel waar de impact laag is. En organiseer veiligheid via gerichte herbeoordeling, in plaats van automatische vertraging.
'Vereenvoudiging' werd het nieuwe scheldwoord
De zorgen uit de brandbrief zijn reëel. Maar daarna gebeurde iets voorspelbaars. Het woord 'vereenvoudiging' werd in één adem 'verslechtering'. Zodra dat frame staat, leest niemand nog verder waar dit voorstel óók over ging: prioriteit en tempo voor laag-risico- en biologische middelen. Organisaties als Artemis en IBMA probeerden dat perspectief in te brengen. Persberichten, duiding, uitleg. Ik heb er zelf aan meegeschreven. Maar ze pasten niet in het dominante frame. Verontwaardiging verkoopt nu eenmaal beter dan een concreet voorstel.
© Royal Brinkman
Stem tegen en alles blijft zoals het was
Politiek gezien is de aangenomen motie typisch en voorbeeldig Nederlands. Iedereen gelijk geven, niemand boos maken. Tégen verzwakking. Vóór laag-risico. Nog even kijken. Zo'n motie klinkt verstandig en houdt de gemoederen even rustig. Maar in Brussel heb je niets aan een Nederlandse poldertafel. Het is daar geen keuzemenu; je stemt over het hele pakket. Alles of niets. Een Nederlandse compromiszin is daar een bot instrument. Als Nederland tegenstemt en het voorstel sneuvelt, verandert er precies niets. Dan blijft de boel op slot zitten. Dat systeem ís het probleem.
Telers wachten op gereedschap
De politiek probeert iedereen tevreden te houden en doet daarmee niemand een plezier. Ondertussen staat de teler in de modder te wachten op middelen die niet komen. Dat hoor je niet in talkshows, maar wel in de kas. Een kas is geen debatkamer; daar koop je niets voor moreel gelijk als je met lege handen staat tegenover een plaag. We hebben een systeem gebouwd waarin elk nieuw biologisch middel een decennium in de wachtkamer zit, terwijl de chemische voorganger al verboden is. Dit heeft niets met zorgvuldigheid te maken; het is een recept voor een totale blokkade. Geen ideologie, maar de keiharde praktijk waar de teler elke dag tegenaan loopt.
Europa aarzelt, terwijl de klok doortikt
Aan de ambities ligt het niet, het schort aan de uitvoering. Biologische en laag-risicomiddelen die technisch klaar zijn, wachten in Europa acht tot tien jaar op toelating. Andere regio's doen dat in twee tot drie jaar. Dat verschil van jaren bepaalt of je daadwerkelijk kunt werken of blijft dromen op papier. Ondertussen verdwijnen chemische middelen wél, terwijl de alternatieven nog vastzitten in de procedure. Dit heeft niets met zorgvuldigheid te maken. Dit is simpelweg bestuurlijk onvermogen.
Meer mensen lossen de blokkade niet op
En dan de reflex die mij blijft verbazen: meer capaciteit. Meer beoordelaars, meer experts. Alsof een vastgelopen kruispunt weer gaat rijden, omdat er nóg meer verkeersregelaars met vlaggen zwaaien. Maar nationale begrotingen staan onder enorme druk; elke euro gaat drie keer om naar defensie of energiezekerheid. In dat krachtenveld is roepen om 'meer capaciteit' een zwaktebod en een manier om de echte beslissing vooruit te schuiven. Extra mensen lossen de kern niet op. Het probleem is de eindeloze route die een dossier aflegt tussen Brussel en de lidstaten, met eisen van de vorige eeuw, die totaal niet passen bij de biologie van nu.
Voorzorg is bedoeld als stuur, wij gebruiken het als handrem
Ik begrijp de angst. Parkinson, waterkwaliteit en biodiversiteit zijn serieus. Schadelijke middelen moeten eruit. Maar hier gaat het mis: als voorzorg verandert in 'blokkeer alles', houd je precies het systeem in stand dat je zegt te willen afbouwen. Niets doen brengt net zo goed risico's met zich mee. Wie de route naar laag-risico en biologie structureel vertraagt, verlengt automatisch de afhankelijkheid van middelen met hogere impact. Iedereen wil minder chemie en meer biologie. Ik zie het inmiddels in alle beleidsstukken, speeches en verkiezingsprogramma's. Maar zodra het systeem wordt aangepast om dat mogelijk te maken, schrikken we van onszelf.
Genoeg alarm, tijd voor ontwerp
Dit debat begon met activisme. Terecht. Maar activisme dat eindigt in blokkade is stilstand met moreel gelijk. Voorzorg is geen reden om alles op pauze te zetten. Je moet juist stappen zetten én ondertussen vinger aan de pols houden. Monitoren, bijsturen en ingrijpen als het misgaat. Dát is bestuur. We bewaken geen veiligheid door de tijd stil te zetten. Echte controle regel je niet met een bureaucratische file aan de voorkant, maar met messcherpe bewaking in de praktijk. Precies dát ligt nu op tafel. Er ligt een concreet Europees voorstel waarover gestemd kan worden. Geen verkenning. Geen praatpapier. Wie nu tegenstemt om 'eerst nog eens te kijken' kiest voor het uitstellen van verantwoordelijkheid. Niet voor veiligheid.
Niet 'pleiten' maar 'bewaken'
We hebben geen kopgroep nodig die nóg een keer gaat pleiten voor versnelling. Die versnelling staat al in het voorstel. Wat nodig is, is een andere rol voor die kopgroep: niet vóór de stem, maar ná de stem. Stem vóór, en zet daarna een waakhond neer die bewaakt dat de veiligheidslat blijft liggen waar hij hoort. Minder praten aan de voorkant, meer controleren in de praktijk.
In 2028 zeggen we óf sorry, óf goed gedaan
Wat wij dít jaar kiezen, bepaalt welk gesprek wij in 2028 voeren: één waarin we elkaar feliciteren met het gesloten houden van de poort, terwijl biologische alternatieven liggen te verstoffen in de papierwinkel van de EU. Of één waarin we vaststellen dat we door te stemmen én te sturen de teler eindelijk het gereedschap hebben gegeven voor het ICM-systeem dat we al zo lang beloven. Wie werkelijk minder chemie en meer biologie wil, moet nu kiezen. Stop met blokkeren. Eerst stemmen en daarna pas bijsturen is niet naïef, maar de enige realistische weg. Dat is verantwoordelijkheid nemen. Als een brandbrief nodig is om dat duidelijk te maken, dan schrijf ik die. Een brandbrief die niet tégen versnelling pleit, maar vóór bewaking.
Wie tekent mee?
Voor meer informatie:
Royal Brinkman
Tel: +31 (0)174 446 100
[email protected]
www.royalbrinkman.nl