Effecten Stikstofrapport Remkes voor glastuinbouw uitgelegd

Ondanks dat de glastuinbouw maar 0,2 % van de landelijke stikstofemissies voor haar rekening neemt, raakt de stikstof-regelgeving ook glastuinbouwbedrijven. Daarom is het rapport dat de heer Remkes op 5 oktober aangeboden heeft aan het Kabinet ook van belang voor de glastuinbouwsector, zo legt Herman Litjens, Interim beleidsspecialist Stikstof bij Glastuinbouw, hieronder uit. H

et kabinet heeft op 14 oktober daar een reactie opgegeven. In grote lijnen neemt het kabinet de adviezen over. Wat dit exact betekent, hangt af van de invulling. 

De denklijn van het rapport Remkes is om op korte termijn veel minder stikstof uit te gaan stoten, omdat anders het risico groot is dat Nederland op slot gaat. Met als gevolg dat er geen wegen, woningen meer gebouwd kunnen worden en dat ook de land- en tuinbouw en de industrie op slot gaan. Andere juridische mogelijkheden ziet Remkes niet. Hij stelt daarom voor om aan de slag te gaan met 500 tot 600 piekbelasters zodat er binnen een jaar de stikstofdepositie (neerslag) in Natura 2000 natuurgebieden flink omlaag zal gaan. Deze piekbelasters moeten hun emissies zeer fors beperken, hun activiteiten verplaatsen of stoppen. Het gaat veelal om veehouderijbedrijven, maar er kunnen industriële bedrijven bijzitten. Dat is niet alleen goed voor de natuur, maar daarmee zouden bedrijven die een PAS-melding hebben gedaan, of anderszins te goeder trouw hebben gehandeld (Interimmers), met voorrang gelegaliseerd kunnen worden. Volgens de meeste deskundigen en ook volgens LTO is het niet realistisch om dit binnen een jaar voor elkaar te krijgen.

Categorie Interimmers
Veel glastuinbouwers vallen onder de categorie Interimmers. Dat zijn bedrijven die binnen 25 kilometer van een van de ongeveer 120 stikstofgevoelige Natura 2000 zitten en meer stookcapaciteit hebben dan ten tijde van de aanwijzing van deze gebieden (1994-2004). Omdat de 120 gebieden verspreid zijn over heel Nederland vallen veel glastuinbouwbedrijven binnen de straal van 25 kilometer tot een stikstofgevoelig Natura 2000 gebied. Glastuinders wisten meestal niet dat ze een Wet natuurbeschermingsvergunning (Wnb) nodig hadden. Bij vestiging of uitbreiding van de stookcapaciteit heeft de gemeente daar ook nooit naar gevraagd. Ook speelt mee dat de drempel van de vergunningplicht verlaagd is van 0,05 mol/kg/per jaar per ha naar 0,0049 mol. De drempelwaarde is dus tien keer zo streng geworden. Bedrijven die geen Wnb-vergunning hebben, zijn gevoelig voor handhaving en ook financiers stellen er steeds vaker vragen over.

Aerius verkenning
Glastuinbouw Nederland heeft er altijd voor gepleit dat er een oplossing moet komen voor deze categorie van bedrijven, die ter goede trouw hebben gehandeld. De brancheorganisatie is blij dat Remkes dat in zijn advies heeft opgenomen. Men hoopt dat het kabinet hiermee snel aan de slag gaat. Ze zijn al bezig met het legaal maken van de PAS melders, maar dat schiet nog niet hard op. De verwachting is dat het nog enkele jaren duurt voordat alle PAS melders en interimmers legaal gemaakt zijn.

Het advies van Glastuinbouw Nederland blijft ook onverkort om een Aerius verkenning te laten maken van de eigen situatie. Zodat een ondernemer weet wat zijn situatie is rondom de vergunningsplicht Wnb. Er zijn grofweg twee situaties mogelijk. De capaciteit van de stookinstallatie is nu kleiner of gelijk aan het moment van de aanwijzing van de gebieden. Dat is een bedrijf niet vergunningplichtig, maar kan het hoogstens een positieve weigering krijgen op de vergunningaanvraag. De kans is overigens groot dat dit weer per 1 januari 2024 vergunningplichtig wordt en er dan weer een Wnb-vergunning afgegeven kan worden.

Complexe trajecten
De tweede optie is dat de locatie ten tijde van de aanwijzing van de gebieden er nog niet was, of het bedrijf heeft de stookcapaciteit uitgebreid. In die situatie is de teler nu al vergunningplichtig en kan hij ervoor kiezen om niet te wachten tot het Kabinet met een oplossing komt, maar dit zelf te regelen. Dit kan door gebruik te maken van extern salderen. Dan wordt de uitstoot gecompenseerd door van iemand anders stikstofrechten (Nox of NH3) over te nemen. Praktijkervaring leert dat beide trajecten complex zijn en dat er diverse hobbels moeten worden genomen. Afwachten lijkt op dit moment het meest comfortabel, maar er zijn situaties zoals bedrijfsontwikkeling dat het toch wenselijk is om in actie te komen.

Bron: Glastuinbouw Nederland


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven