Tim Heddema, Landbouwraad

"Banden tussen VK en Nederland zijn niet doorgesneden"

De agrofoodsector in het Verenigd Koninkrijk wil na de Brexit een snelle ontwikkeling doormaken. Verhoging van de productiviteit en verduurzaming zijn de pijlers van het nieuwe, eigenstandige landbouwbeleid. “Het Britse bedrijfsleven zoekt hierbij samenwerking met Nederlandse partijen”, zegt landbouwraad Tim Heddema. “De banden tussen beide landen zijn beslist niet doorgesneden.”

Heddema is vanaf maart 2017 landbouwraad op de Nederlandse ambassade in Londen. Komende zomer keert hij met zijn vrouw terug naar Nederland. Hij heeft daarover een dubbel gevoel. “Na vier jaar VK en daarvoor vier jaar Brussel is het goed om terug te gaan naar Nederland. We zien ernaar uit om in de buurt van familie en vrienden te wonen. Aan de andere kant, afgelopen vier jaar heeft het werk van mijn landbouwteam vrijwel volledig in het teken gestaan van de Brexit. Dat verhaal is nog niet af, zeker niet als het gaat om agrifood. Dat moet ik helaas loslaten.”

Dynamische metropool
Hij kijkt terug op een enerverende periode in zijn leven. Maar niet alleen vanwege de Brexit. “Het is natuurlijk fantastisch om een tijd in deze kosmopolitische stad te mogen wonen. Londen is een dynamische metropool die in cultureel opzicht alles te bieden heeft. Maar misschien ben ik een nog grotere fan van de Engelse countryside. De dorpen, de pubs, het golvende landschap, het Lake District; ik ben gaan houden van het Britse platteland. Mijn vrouw en ik hebben ervan genoten.” 

Verdeeld land
Een gesprek met de landbouwraad die afgelopen vier jaar in het VK heeft gewerkt, gaat natuurlijk vooral over de Brexit. “Dit land staat op een kruispunt, het land is tot op het bot verdeeld tussen voorstanders en tegenstanders van de Europese Unie. Met een kleine meerderheid heeft het land gekozen voor de Brexit. De uittreding heeft een enorme impact op de economie én op de gemeenschap in dit land. En natuurlijk ook op de EU-lidstaten. Dat laatste geldt zeker voor Nederland met zijn forse handel met het VK.”

Onderlinge handelsbetrekkingen
En dus stond zijn werk als landbouwraad voornamelijk in het teken van de toekomstige handelsbetrekkingen tussen het VK en Nederland. Een belangrijke taak voor hem was om de betrokken partijen in Nederland te informeren over de plannen aan Britse zijde. “Nederlandse bedrijven willen zich voorbereiden en dus moeten ze weten wat de regels zijn waar ze aan moeten voldoen. Dan gaat het over fytosanitaire en veterinaire controles, overgangstermijnen en tarieven.”

Andere wegen zoeken
Het verkrijgen van de juiste informatie was lastig, zeker na de aantreding van Boris Johnson. Heddema: “Met zijn komst kregen de ministeries de opdracht om hun contacten met vertegenwoordigers van de EU-lidstaten op een lager pitje te zetten. Ons landbouwteam moest andere wegen zoeken om de juiste informatie op te halen. We hebben onze pijlen gericht op het Britse agrobedrijfsleven, dat overigens vaak dezelfde belangen heeft als Nederlandse ondernemers die hier actief zijn.”

Grote exportvolumes
Uiteindelijk is Heddema redelijk tevreden over de uitkomsten tot nu toe van de onderhandelingen tussen het VK en de EU. Als het gaat om tarieven en controles aan de grens of elders zijn de uitkomsten over het geheel genomen acceptabel, zegt hij. “In ieder geval beter dan het er eerder uitzag. Daar komt bij dat wij als landbouwteam erin geslaagd zijn om duidelijk te maken dat de Nederlandse exportvolumes in een aantal sectoren niet alleen groot zijn, maar ook hoe die stroom van producten is georganiseerd.”

De kernboodschap van het landbouwteam was steeds: de Nederlandse volumes zijn te groot voor de systemen die de Britse autoriteiten in gedachten hebben. “De Britse importerende bedrijven waren daarbij onze partners. De inzet van mijn team heeft tot versoepelingen geleid. Daar ben ik erg blij mee. Maar we zijn er nog niet, want de fasering van de importeisen moet voor de meeste producten nog plaatsvinden. En de digitale en fysieke infrastructuur aan Britse kant is daar ook nog niet klaar voor.”

E-certificering
De besprekingen over de onderlinge handel tussen Nederland en de VK zijn dan ook nog niet afgerond, zegt hij. “Op een aantal punten zijn we nog druk in overleg met de Britse autoriteiten. Om de export en import zo soepel mogelijk te laten verlopen, koersen we aan op e-certificering. Het gaat de goede kant op, maar definitieve afspraken zijn er nog niet. Daar kan mijn opvolger zijn tanden in zetten.”

Trots op landbouwteam
Hij is trots op zijn team op de Nederlandse ambassade. “De Brexit-klus hebben we met z’n drieën gedaan, Bas Harbers, Martijn Bergmans en ik. Bas en Martijn waren hier al; we zijn er in 2017 samen ingestapt en hard aan de slag gegaan. Andere teams op de ambassade wisselen regelmatig van samenstelling, mijn team is hetzelfde gebleven. Mijn collega’s zijn enorm toegewijd aan de Nederlandse agrofoodsector. Die betrokkenheid heeft succes opgeleverd.”

Reeks seminars
Heddema en zijn collega’s keken ook voorbij Brexit en organiseerden daartoe afgelopen periode een reeks seminars over de toekomst van de agrofoodsector in het VK en Nederland. Met inhoudelijke input vanuit Nederland en met een groot aantal deelnemers uit de Britse voedselketen. Het ging onder meer over kringlooplandbouw, publieke diensten in de landbouw, eerlijke prijzen en transparantie in de keten.

Heddema is trots op de resultaten. “Door die seminars hebben we invloedrijke personen bij elkaar gebracht. Bijvangst daarvan is dat overheden, kennisinstellingen en bedrijven hier in het VK elkaar beter hebben gevonden. Dat was niet de opzet, maar wel een mooi resultaat. Belangrijker is dat de Nederlandse agroketen door deze seminars en onze netwerkactiviteiten nu echt de go-to partner is voor belangrijke partijen hier voor samenwerking op het gebied van kennis, beleid en handel. We hebben tijdens die seminars trouwens ook de Nederlandse agrotechnologie op de kaart gezet.”

Transitie agrofoodsector
Dat laatste biedt komende jaren kansen voor Nederlandse bedrijven, verwacht Heddema. “De Britse agrosector wil de productie verhogen, maar dan wel op een duurzame manier. Voor die transitie stelt de overheid subsidies beschikbaar. De Britse agroketen kiest in feite dezelfde richting als die in Nederland. Samenwerking ligt dus voor de hand, net als export van onze technologie, kennis en dienstverlening. Mede door die reeks seminars zijn de contacten hiervoor warm.” 

Komende zomer keert hij terug naar Nederland, in de zekerheid dat hij per 1 augustus aan een nieuwe baan begint. “De brede aankondiging volgt later, maar ik kan wel zeggen dat het niet bij de overheid is.”

Bron: Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Twitter Rss

© BPnieuws.nl 2021

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven