De Canadese provincie Ontario is in rep en roer. Aanleiding is een stijging in het minimumloon van 23 procent, die in januari 2018 van kracht zal worden. Arbeid is de belangrijkste kostenpost voor bloemenkwekers in Ontario en de de $2,60 [€1,75] die bovenop het minimumloon komt dat minimum wordt $14 [€9,40] per uur in 2018 en uiteindelijk $15 [10 euro] per uur in 2019, kan zelfs het einde betekenen voor een aantal kwekerijen. "Bedrijven die werken met arbeidsmigranten zijn nu druk aan het plannen. Ze maken zich zorgen: Kunnen werkgevers de prestaties van werknemers al in januari 2018 opschroeven tot het gewenste niveau van $14/uur?" Aan het woord is Ken Linington van Flowers Canada Ontario (FCO), de belangenvereniging die kwekers in de provincie Ontario vertegenwoordigt.

Te snel
Het minimumloon per uur per werknemer moet op 1 januari 2019 uitkomen op $15 [10 euro], en gaat in twee fases omhoog: van het huidige minimum van $11,40 [€7,65] naar $11,60 [€7,80] op 1 oktober om dan naar $14 [€9,40] te gaan op 1 januari 2018 - een stijging van 23 procent in slechts vier maanden. De laatstgenoemde stijging baart kwekers daarom de meeste zorgen. "Bedrijven in Ontario hebben zo niet genoeg tijd om zich voor te bereiden op de hogere productiekosten," meent Linington.

Arbeidskosten omhoog
De stijging van het minimumloon betekent ook dat de kosten voor arbeid op korte termijn snel stijgen. Eerder wees Ian Vermeer, voorzitter van de FCO, al op het feit dat als de onderkant van de loonschaal stijgt, de hele santenkraam mee omhoog moet. "Met als gevolg dat deze stijging van het minimumloon in een korte tijd zal leiden tot een toename van 30% in arbeidskosten. Er zijn maar weinig siertelers die deze kostenstijging op kunnen vangen."
 
Regering bijgespijkerd
Belangenorganisaties als de FCO zijn momenteel druk in de weer om samen met andere telersverenigingen dit punt op tafel te leggen bij de regering. "Ons doel is ofwel een meer relaxed tijdspad, zoals in Californië waar het minimumloon pas in 2023 op het niveau van $15 per uur komt en/of een vorm van financiële steun/subsidie."

De clubs benadrukken ook de bredere impact van de stijging in het minimumloon, die verder gaat dan alleen de tuinbouwsector. "De Kamer van Koophandel van Ontario, die een groot aantal sectoren vertegenwoordigt (horeca, voedselverwerking, retail, fast food, dienstverlening, enzovoort), heeft onlangs een economische studie gepubliceerd met daarin een aantal onbedoelde gevolgen, zoals minder werkgelegenheid, hogere inflatie, meer jeugdwerkloosheid, enz."

Verkiezingen
Linington denkt dat het opkrikken van het minimumloon weleens een verkiezingsstunt kan zijn. "De politieke partij(en) spelen in op ontevredenheid onder de bevolking over een verlies aan banen, minder werkzekerheid en de concentratie van welvaart als gevolg van vrijhandelsakkoorden. Met nieuwe handelsverdragen gaan landen internationale normen opzetten voor de arbeidsmarkt. Rechtsgebieden kunnen zomaar hun concurrentiepositie verliezen als hun wetgeving niet concurreert met die van handelspartners."

Andere provincies
Ook kwekers in andere provincies van het Noord-Amerikaanse land zullen te maken krijgen met hogere minimumlonen. De provinciale overheid van British Columbia kondigde onlangs aan dat het minimumloon in september met CA$0,50 cent (€0,33) zal worden verhoogd. Per 15 september zal het minimum uurloon toenemen van CA$10,85 naar CA$11,35 (van €7,25 naar €7,59). Vanaf dan zal British Columbia de provincie zijn met het derde hoogste minimumloon van alle Canadese provincies. De overheid van British Columbia laat hiermee zien zich toe te leggen op eerlijkere lonen. Het uiteindelijke doel is een minimumloon van CA$15 (€10,03).



Het minimum uurloon van Alberta neemt op 1 oktober toe van CA$12,20 naar CA$13,60 (van €8,16 naar €9,09). Per 1 oktober 2018 wordt het minimum loon van Alberta verder verhoogd naar CA$15 (€10,03). 

185.000 banen foetsie
Volgens een verslag van het Canadian Centre for Economic Analysis kan het verhogen van het minimumloon mogelijk leiden tot het verlies van 185.000 banen.

Als het verlies van 185.000 banen als scenario wordt gehanteerd, leidt dit per leeftijdscategorie tot de volgende situaties:

– Werknemers van 25 jaar en jonger worden 1,15 keer vaker getroffen dan werknemers in andere leeftijdscategorieën:
• 17% van het totaal aantal verloren banen
• Ongeveer 30.000 werknemers lopen risico voor ontslag, oftewel een afname in werkgelegenheid van 3,0%
– Bij werknemers van tussen de 25 en 55 jaar geldt:
• 63% van het totaal aantal verloren banen
• Ongeveer 116.000 werknemers lopen risico voor ontslag, oftewel een afname in werkgelegenheid van 2,6%
– Bij werknemers van ouder dan 55 jaar geldt:
• 20% van het totaal aantal verloren banen
• Ongeveer 38.000 werknemers lopen risico voor ontslag, oftewel een afname in werkgelegenheid van 2,6%
– Bij onderscheid tussen mannen en vrouwen geldt:
• 52% van het aantal ontslagen werknemers betreft naar verwachting vrouwelijke werknemers
• Ongeveer 96.000 vrouwelijke werknemers lopen risico voor ontslag, oftewel 2,8%. Bij mannelijke werknemers gaat het om 89.000 mogelijke ontslagen, oftewel 2,5%

Klik hier voor een uitvergroting

Klik hier voor een volledig verslag op de site van het Canadian Centre for Economic Analysis 

Voor meer informatie:
Flowers Canada (Ontario)
Andrew Morse
Executive Director
+1-519-836-5495
www.flowerscanadagrowers.com