Kees van Rooij, bestuurder Glastuinbouw Nederland:

"Krachtige stem richting overheid meer dan ooit van groot belang is"

Door de aaneenschakeling van crises waren het al zeer uitdagende tijden voor de Nederlandse glastuinbouw, de oorlog in Oekraïne zorgt echter voor de overtreffende trap. De situatie voor de burgers in het land baart uiteraard de meeste zorgen. Kijkend naar zijn eigen bedrijf en de glastuinbouwsector spreekt bestuurslid Kees van Rooij van Glastuinbouw Nederland in gesprek met de belangenbehartiger van consequenties die nu nog nauwelijks zijn te overzien. “Dan is een krachtig collectief belangrijker dan ooit.”
 
Kees van Rooij is samen met drie compagnons eigenaar van de Naulanden Groep, die bestaat uit vijf teeltbedrijven in Brabant en lid is van Oxin Growers. Naast tomaten en paprika’s worden er sinds dit jaar ook aardbeien geteeld. “Een totaal andere teelt dan de grote vruchtgroenten, waarvoor ook de kas flink moest worden aangepast. Dit doe je niet voor een jaartje. Het is een interessant leerproces, een voorbeeld van vernieuwen en meebewegen.”

Inbreng uit de praktijk
Naast lid van het landelijk bestuur van Glastuinbouw Nederland is Kees van Rooij ook actief als bestuurder van Oxin Growers. Zijn motivatie is helder: “Ik vind het belangrijk dat de tuinder zelf aan tafel zit bij de landelijke organisatie. Alle segmenten moeten goed zijn vertegenwoordigd. Ik ben dagelijks betrokken bij alle aspecten van een tuinbouwbedrijf. Die inbreng uit de praktijk neem ik mee naar de vergadertafel. Daarbij heb ik wel bepaald dat bestuurswerk niet ten koste mag gaan van de activiteiten op het eigen bedrijf. Daar zijn binnen onze groep goede afspraken over gemaakt.” Om die reden is hij bijvoorbeeld wel landelijk bestuurder, maar geen regiobestuurder in Brabant.

Collectief oppakken
Over de gang van zaken binnen het bestuur van Glastuinbouw Nederland is Kees van Rooij heel positief. “We zijn met de juiste, belangrijke dingen bezig. Er wordt een goede invulling gegeven aan de essentiële onderwerpen. Het gewicht van de hoofdthema’s voor de glastuinbouw is dusdanig dat je daar als alleenstaand bedrijf een te grote uitdaging aan hebt. Die moeten collectief worden opgepakt. Dat kan zijn op nationaal of zelfs internationaal vlak, maar op gebied van ruimtelijke ordening beter regionaal, met expertise vanuit de landelijke organisatie.”

De huidige balans in het bestuur qua bedrijfsgrootte, expertise en teeltsegmenten draagt bij aan die daadkrachtige organisatie waar Kees van Rooij voor pleit.

Stevige lobby essentieel
Gevraagd naar de dossiers die hem het meeste zorgen baren, noemt hij onder andere plantgezondheid. “Het middelenpakket wordt steeds smaller en als sector zijn we te klein om nieuwe middelen te introduceren. De zorg in diverse gewassen om de teelt tot een goed einde te brengen wordt alsmaar groter. Een stevige lobby namens de hele sector is derhalve essentieel. Het is belangrijk dat we samen onderzoeken hoe het wel kan, qua innovaties en nieuwe ontwikkelingen.”

Dat geldt ook voor de ontwikkelingen op gebied van energie. “De ontwikkelingen van de laatste maanden en zeker die van de afgelopen dagen zet ons als glastuinbouwsector nadrukkelijk aan het denken. We willen met elkaar zeker een bepaalde richting op, maar dat vereist innovatie. Een dergelijke transitie kost bovendien tijd en geld en vraagt om politiek draagvlak. Verduurzaming vraagt om steun en visie vanuit Den Haag. Kijkend naar de situatie rond het Groningse gas, kun je concluderen dat de discussie niet goed is gevoerd en de gevolgen onvoldoende in beeld gebracht. Het resultaat is dat onze concurrentiepositie in de knel komt.” Als voorbeelden noemt Kees van Rooij in dat kader ook ODE en aardwarmte. “Geothermie is eveneens een innovatie waar de glastuinbouw zijn nek voor uitsteekt, maar dan moeten er geen overheidsregels zijn die het proces frustreren.”

Bestaanspositie
Een onderwerp dat in Brabant nadrukkelijk leeft is de positie van solitair gevestigde bedrijven. Die bedrijven zitten vaak dichtbij woningbouw en andere bedrijfstakken. “De aanwezige kruisverbanden moeten beter worden benut. Elk teeltgebied is anders, daarom moet je ook regionaal naar optimale samenwerking kijken. Daarom ben ik blij met de oprichting van GreenTechPort Brabant, die nu nog voornamelijk inzet op innovatie en techniek. Binnen een Greenport zit de lokale en regionale politiek aan tafel. Dat is een meerwaarde, want we moeten als sector beter uitleggen wat we doen, waarvoor we het doen, hoe we het doen en waarom. Dat is een opdracht voor de hele sector en daarom vind ik dat elk teeltbedrijf lid zou moeten zijn van Glastuinbouw Nederland. Het unieke van de Nederlandse glastuinbouw verdient een breder platform. Het is bovendien doorslaggevend voor onze bestaanspositie. Daarom moet de nadruk liggen op onze productie voor de Europese binnenmarkt en niet puur voor Nederland. Vergeet ook niet de impact van groenten, bloemen en planten op de gezondheid en het geluk van mensen. Dat thema kunnen we alleen met elkaar goed uitdragen.”

Veranderend ondernemerschap
Afsluitend benadrukt de Brabantse ondernemer dat de huidige situatie in de wereld zorgt voor veel onzekerheid. “Wat gaat er veranderen en hoe spelen we daarop in? Welke keuzes moeten telers maken en wat is daarbij rol van Glastuinbouw Nederland? Feit is dat een krachtige stem richting overheid meer dan ooit van groot belang is. Van telers wordt wederom verwacht dat ze kunnen inspelen op veranderend ondernemerschap. Als sector hebben we bewezen daartoe in staat te zijn, maar dan moet de overheid wel zorgen dat de randvoorwaarden in orde zijn.”

Bron: Glastuinbouw Nederland


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven