Etaleren familienaam goud waard voor familiebedrijven

Familiebedrijven met een lange historie doen het gemiddeld beter wanneer de bedrijfsnaam gelijkstaat aan de familienaam. Hoe nadrukkelijker zij gebruikmaken van oude merknamen en handelsmerken, des te hoger gemiddeld genomen hun (beurs)waarde. Naast de naam zijn nog vier andere factoren cruciaal voor vitaliteit van familiebedrijven. Een externe CEO, intensieve betrokkenheid van de familie, het vermijden van een generatiekloof aan de top en het uit de weg gaan van radicale bedrijfstransformaties houden familiebedrijven langer vitaal.

Dat blijkt uit het rapport 'Het geheim van de eeuwige jeugd', een studie van Erasmus Centre for Family Business (ECFB, onderdeel van Erasmus Universiteit), BDO Accountants & Adviseurs en Rabobank. Voor dit onderzoek zijn data van 6.500 bedrijven, waarvan bijna een derde familiebedrijven, geanalyseerd en vergeleken. Van de onderzochte familiebedrijven is driekwart jonger dan 55 jaar, 16% is tussen de 55 en de 100 jaar en 9% is ouder dan 100 jaar.

Succesfactoren voor eeuwige jeugd
De vraag hoe familiebedrijven met een lange historie generatie op generatie vitaal kunnen blijven, is door de coronacrisis alleen maar actueler geworden. “Voor familiebedrijven die al meer dan honderd jaar bestaan, is dit niet de eerste en zeker ook niet de laatste crisis. Het is daarom des te interessanter om te onderzoeken wat de overeenkomsten zijn tussen familiebedrijven die al generaties lang succesvol zijn”, zegt prof. dr. Pursey Heugens, hoogleraar en directeur van het ECFB aan de Rotterdam School of Management van de Erasmus Universiteit Rotterdam en leerstoelhouder familiebedrijven. Uit onderzoek komen vijf succesfactoren voor ‘eeuwige jeugd’ naar voren:

Gebruik familienaam
Het gebruik van de familienaam refereert al snel aan een roemrijke historie. Het authentieke en intrigerende verhaal dat deze oudere familiebedrijven te vertellen hebben, wordt door de buitenwereld enthousiast ontvangen. Uit het onderzoek blijkt dat het kapitaliseren van merkkracht en goodwill voor zeer oude familiebedrijven een van de belangrijkste paden naar groei is.

Een externe CEO
Uit het onderzoek blijkt dat familiebedrijven betere financiële resultaten boeken dan andere bedrijven als zij vanaf de derde generatie een externe CEO hebben. Activa en omzet groeien over een periode van vijf jaar bij een familiebedrijf ouder dan honderd jaar met een externe CEO gemiddeld met respectievelijk 35,8% en 68,4%, terwijl dit met een familielid aan het roer maar 13,4% en 16,2% is.

Intensieve betrokkenheid van de familie
Hoe belangrijk een externe CEO ook is, uit het onderzoek blijkt dat blijvende betrokkenheid van de oprichtersfamilie van onschatbare waarde is. Die betrokkenheid moet verder gaan dan slechts passief aandeelhouderschap. Met name als het gaat om belangrijke besluitvorming en het bewaken van de familiewaarden is inspraak van de oprichtersfamilie van groot belang.

Voorkom radicale bedrijfstransformaties
Bedrijven die gericht investeren in vernieuwing en verbetering van producten, diensten en processen doen het aanzienlijk beter dan ondernemingen die de eigen organisatie of het businessmodel radicaal transformeren. ‘Paniekvoetbal’ is volgens de studie dan ook een slechte zaak. “Nu veel ondernemers zich door de coronacrisis gedwongen zien tot actie, is het investeren in innovaties die tot nieuwe producten of diensten leiden voor familiebedrijven een betere optie dan het radicaal omgooien van het businessmodel”, zegt Mirelle Pennings, Directeur Commercial Banking bij Rabobank. In de eerste jaren doen familiebedrijven het, qua bedrijfsgroei in termen van activa en omzet, beter dan niet-familiebedrijven. Dit voordeel vlakt echter vanaf de derde generatie af. Pennings: “Nieuwe groeikansen zoeken en blijven investeren in innovatie wordt dan nóg belangrijker.”

Vermijd een generatiekloof aan de top door tijdige overdracht
Het is belangrijk om een visie te ontwikkelen waarin alle bij het bedrijf betrokken familieleden zich kunnen vinden om te voorkomen dat oudere generaties binnen het familiebedrijf tegenover jongere generaties komen te staan. “Bedrijven waar het leeftijdsverschil tussen familieleden in de bedrijfsleiding groter is dan 25 jaar, groeien veel minder snel dan familiebedrijven zonder zo’n generatiekloof aan de top. De nieuwe generatie op tijd de teugels in handen geven na een goede opleiding en begeleiding in het bedrijf, is dan ook het devies”, zegt Joost Vat, partner bij BDO en specialist op het gebied van familiebedrijven.

Erfgoed van de Nederlandse economie
Veel bedrijven staken op enig moment noodgedwongen de strijd of zien geen andere mogelijkheid dan zich te laten overnemen. Van de bedrijven die tussen 20 en 55 jaar geleden zijn opgericht, is ruim 42% een familiebedrijf; bij meer dan 100 jaar oude ondernemingen ligt het percentage familiebedrijven nog maar op 17%. Het is dus allerminst vanzelfsprekend dat familiebedrijven meerdere generaties overleven. Oudere familiebedrijven blijken extra kwetsbaar vergeleken met even oude niet-familiebedrijven. Deze kwetsbaarheden zijn terug te voeren op de invloed van de familie: er kan talentschaarste in de derde of vierde generatie voorkomen, conflicten ontstaan tussen kleine en grote familie-eigenaren of een verschil van visie zijn over de richting die het familiebedrijf op moet gaan. Heugens: “Familiebedrijven met inmiddels vaak al een tiende of elfde generatie aan het roer beschikken over bijzondere krachten. Zij vormen bij uitstek het erfgoed van onze economie en zijn al eeuwen succesvol.”


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© BPnieuws.nl 2020

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven