Radicaal innoveren moet maar hoe?

Als er een gebied is waarin de tuinbouw - met succes - de laatste decennia heeft geïnnoveerd, dan is het wel op energiegebied. Substraat, klimaatcomputers en schermen werden gemeengoed. En het einde van de innovatiedrift is nog lang niet in zicht. In de pijplijn zitten onder meer technologieën als CO2-afvang (uit afval of uit de lucht) en -opslag (CCS), warmtewinning (van ondiepe tot ultradiepe geothermie, biomassa, waterstof), warmtedistributie (warmterotondes, smart grids) en energieopslag. We ontwikkelen steeds zuinigere kassen (Winterlichtkas, Daglichtkas) en teeltmethodieken (Het Nieuwe Telen), met dank aan het programma ‘Kas als Energiebron’. Maar gaat het wel snel genoeg?

De tuinbouw moet radicaal innoveren, zeggen deskundigen als Yuri van Geest en Jan Rotmans. Want de wereld om ons heen verandert sneller dan de tuinbouw zelf. Zijn machtige en grote techbedrijven of disruptieve start-ups een bedreiging voor de tuinbouw of juist een zegen? Hoe pakken we weer de regie? Desh Ramnath van HortiHeroes en Marieke Kodde van InnovationQuarter vertellen.

Fossiele energie
De politiek maakt - onder druk van klimaatwetenschappers, Groningen en Urgenda - steeds meer haast. “De sector is nog altijd diep geworteld in fossiele energie”, waarschuwde transitieprofessor Jan Rotmans afgelopen voorjaar in het World Horti Center. “In 2010 gebruikten we nog 4,5 miljard kuub aardgas, nu 3 miljard. Dat moet in 2050 naar nul - ik zou zeggen 10 jaar eerder - en dat is een formidabele opgave. Met de technologie die er nu is, kan het al. Laten we het daarom vooral hebben over de vraag: hoe organiseren we ons om het sneller te laten verlopen?”

Radicale innovaties
Ook in glastuinbouwproducten- en techniek wordt volop geïnnoveerd. De veredeling heeft geleid tot tal van succesvolle innovaties. Steeds betere rassen werden en worden ontwikkeld, die met minder water, meststoffen en energie kunnen groeien of - qua kleur, vorm of smaak - iets toevoegen aan het al brede assortiment. Biologische en geïntegreerde gewasbescherming zijn ondertussen gemeengoed.

Naast de bovengrondse delen kijken we steeds meer naar het wortelgestel en de complexe relatie met het bodemleven. Biologische teelt is allang geen niche meer, PlanetProof wordt de nieuwe (supermarkt) norm. Robots, camera’s en sensoren rukken langzaam op. Oogstrobots zijn een potentiële gamechanger, al is het nog wachten op een doorbraak. Wel wordt er volop onderzoek naar gedaan, in binnen- en buitenland. Is verticaal telen, in een gesloten ruimte, een radicale innovatie? Ongetwijfeld, al valt de winstgevendheid van Vertical Farming nogal tegen, zeker in Nederland. Commerciële toepassingen zijn hier nog schaars, of wachten nog op realisatie zoals bij Staaij Food Group. De circulaire kas (zonder emissies of afval) en de autonome kas (waarbij de teler wordt vervangen door een algoritme) zijn ook te zien als radicale innovaties, maar bestaan alleen nog op papier of zijn nog in onderzoek.

Datagedreven
Yuri van Geest, ambassadeur van Singularity University en expert in exponentiële organisaties, zei drie jaar geleden op het Westland Event: “Nederland moet binnen vijf jaar met alle nieuwe, exponentieel versnellende technologieën aan de slag zijn om in de ‘driver’s seat’ te zitten voor de wereldwijde voedselproductie. De wereld zit in een enorme stroomversnelling. Binnen nu en vijf à tien jaar wordt alles software. Dat betekent dat ook voedselbedrijven, waaronder tuinbouwbedrijven, softwarebedrijven worden.”

Is de tuinbouw al datagedreven? Feit is dat we steeds meer data verzamelen en uitwisselen, bijvoorbeeld voor een nauwkeurige klimaatregeling, het vergelijken van teeltresultaten of het automatisch scouten van ziekten. Ook worden steeds meer platforms ontwikkeld, voor transacties en het uitwisselen van productinformatie. Maar wat merkt onze eindgebruiker - de consument - daarvan? Gebruiken we die data om feedback te verzamelen, te co-creëren en te anticiperen op zijn of haar (irrationele) gedrag? Zijn we als tuinbouw wel voldoende ‘connected’?

Bulkproducten
Hamvraag is: leiden al die - technische en plantaardige - innovaties niet tot ‘meer van hetzelfde’? Met andere woorden: zijn al onze innovaties wel disruptief genoeg? Jan Rotmans denkt van niet: “De glastuinbouwsector is één van de meest innovatieve van de wereld en daar mogen we trots op zijn. Alleen verandert die wereld nu heel snel en heftig. Nog steeds draaien we voor 95 procent op bulkproducten. We gaan naar hoogwaardige, gespecialiseerde producten toe. Ik hoop dat er niet al te veel mensen denken dat we over 20 jaar nog voornamelijk geld verdienen met tomaten, paprika’s en sierteelt. We moeten wezenlijk andere producten gaan maken. En wezenlijk anders met elkaar samenwerken in andere ketens.”

En daar voegde hij nog aan toe: “Eén ding weten we zeker: dat de wereld niet meer van hetzelfde wordt, maar minder van hetzelfde. De macro-economie wordt digitaal, circulair en biobased. Als je hier naar kijkt door een transitiebril, dan zie je de grootste uitdaging in 150 jaar.”

Bloomon en Avocado Show
Volgens Desh Ramnath, oprichter en tegenwoordig adviseur van HortiHeroes, is het aantal radicale innovaties in de glastuinbouw op een hand te tellen. “Bloomon vind ik aardig radicaal. Het is niet zo van: hier heb je de bloemen van onze veiling, maar: u vraagt en wij draaien. Zij zetten de sierteeltketen op zijn kop met superverse, duurzaam gekweekte bloemen, inspirerende designs en een flexibel abonnement met bezorging. En maken van bloemen wereldwijd een lifestyle.”

Ook heel innovatief in de ogen van Desh is de Avocado Show van Ron Simpson. “Zijn restaurantketen heeft geresulteerd in een hele andere manier van voeding benaderen, al zie ik het meer als een marketingtruc. Maar het resultaat is er niet minder om. Zij hebben de avocado in een keer weten te hypen als een gezond product. Zij bewijzen dat gezond eten niet saai hoeft te zijn, maar ook heel stoer kan zijn.”

DNA-diner
Marieke Kodde, senior business developer van InnovationQuarter, heeft de afgelopen vier jaar in samenwerking met Natasja van der Lely van Koppert Cress hard gewerkt aan vers+: een personalised foodconcept, dat onder meer rekening houdt met je DNA. “Met vers+ willen we vastleggen en inzicht geven in de vraag welke nutriënten, in welke hoeveelheden, in welke groenten zitten. En wat het verschil tussen verschillende groenterassen is.

Op die manier kunnen mensen kiezen welke producten het beste passen bij hun persoonlijke voedingsbehoefte.” Een radicale innovatie? “Het is in ieder geval behoorlijk vooruitstrevend, ook gezien de reacties die wij hier op krijgen. Wij willen onze data gebruiken bij patiënten, preventie en prestatie. Zodat uiteindelijk iedereen - op basis van zijn DNA, leefstijl en andere behoeften - kan kiezen welke groenten gezond voor hem of haar zijn.”

Personalised food
Zowel Desh Ramnath als Marieke Kodde wijzen naar datagedreven bedrijven als Amazon en Google. Desh: “Voeding is niet alleen een basisbehoefte, maar ook een manier geworden van entertainment en beleving, zelfontplooiing en een middel om je gezondheid te verbeteren. Er is schaarste, of die gaat toenemen, evenals de drang naar meer duurzaamheid. Logisch dat deze bedrijven in food stappen, want zij zien business-kansen. Wij leven nog te veel in onze eigen ‘bubble’, exporteren klakkeloos over de hele wereld, maar weten niet wat er cultureel, emotioneel of maatschappelijk speelt. We weten ook te weinig van de techsector, daar hebben we weinig overleg mee. In mijn visie is voeding toch een beetje het goud en de olie van de toekomst.”

Marieke: “In de discussie over vers+ viel mij op dat veel reacties uit de tuinbouw waren: ‘Dat komt wel over vijf of tien jaar, waar maak je je druk om’. Maar pas op: het gebeurt nu al. De Googles en Amazons zitten hier op te azen. In de discussie rond personalised food zie je tot nu toe vooral de Unilevers en voedselgiganten opstaan. Dus tuinbouw: zorg dat je er op tijd bij bent en zorg dat je het verschil gaat maken. Met vers+ willen we laten zien dat we ons huiswerk hebben gedaan, zodat mensen echte gezonde keuzes kunnen maken. En willen we mensen ervan overtuigen dat ze voor groenten moeten kiezen, en niet voor een shake of een of ander pilletje.”

Grote techbedrijven en start-ups
Nemen de grote techbedrijven straks de tuinbouw over? Desh: “Niet alleen grote techbedrijven, maar ook start-ups. Die kunnen ook afkomstig zijn uit een hele andere sector en denken: misschien kan ik dit ook in de food toepassen. Misschien krijg je straks een platform dat gratis voedsel aanbiedt, omdat zij een ander verdienmodel heeft weten te vinden. Misschien kun je straks met je DNA-profiel naar een kassaloze Amazonwinkel stappen en zeggen: ik wil vanavond gezond eten, geef mij een recept of advies. Of ik moet morgen een examen halen of een marathon lopen of... Als wij dit soort zaken niet verkennen en andere sectoren dit wel doen, dan ga je de wedstrijd verliezen. Misschien pas over tien of twintig jaar. Maar wij werken al 130 jaar op dezelfde manier en verdienen nu geld. Men voelt niet de noodzaak om te veranderen. Terwijl je wel nu moet veranderen om straks nog mee te kunnen doen. Ik vergelijk het weleens met Kodak of Nokia: die gingen ook van een wereldheerschappij naar (bijna) niets.”

Datingplatform
Om de tuinbouw sneller te laten innoveren, moet hier een ecosysteem van innovatieve bedrijven en start-ups komen, vervolgt Desh. Ook moeten bestaande bedrijven jongeren de ruimte geven om te werken aan innovatieve projecten. “Er is niet één beste route naar radicale innovaties. Intrapreneurship (innovatie in bestaande bedrijven/red.) is niet voldoende. Je hebt ook start-ups nodig voor nieuwe ideeën en business-modellen. En andere sectoren, die in andere dingen beter zijn dan wij. Met HortiHeroes proberen wij intrapreneurs, entrepreneurs en start-ups te verbinden met bedrijven binnen en buiten de sector rond actuele vraagstukken. Het is een soort datingplatform eigenlijk, een kweekbodem voor nieuwe initiatieven. We staan nog maar aan het begin.”

Elon Musk
Heeft Desh de nieuwe Elon Musk van de tuinbouw al gezien? “Nee, daarom moeten we hier een ecosysteem creëren waarvan bedrijven en jongeren uit allerlei sectoren enthousiast raken. Ik ken young professionals van universiteiten, die een topbaan hadden bij een bank en daar zijn gestopt om in de life science of in duurzaamheid wat te gaan doen, omdat het impact heeft. Maar er zijn maar weinig jongeren die gevoel krijgen bij tuinbouw, omdat ze dat grotere doel nog niet zien. Dat moeten we echt goed neerzetten, dat zijn we nu met HortiHeroes aan het doen. En als ze dan kiezen voor de tuinbouw moeten ze wel in een ecosysteem terechtkomen waarin ze mogen falen, mogen creëren en risico’s nemen.”

Ook in de voedingsindustrie zijn tot nu toe relatief weinig start-ups actief. Het Nederlandse versnellingsprogramma FoodStars moet daar verandering in brengen. Tot slot: “Wil je relevant blijven, dan moet je het wezenlijk anders gaan doen dan je nu doet, dat is mijn definitie van radicale innovatie. Of dat nou in je technologie zit, in je businessmodel of in je cultuur. Er moet een omslag plaatsvinden om aan de toekomstige wedstrijd mee te kunnen blijven doen.”

Bron: Telen & Trends jaargang 8, uitgave 12, november 2018

Voor meer informatie:
Ludvig Svensson
(0181) 39 26 66
info.nl@ludvigsvensson.com  
www.ludvigsvensson.com


Publicatiedatum :


print   

Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© BPnieuws.nl 2019

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven