Aantal schadelijke organismen bij importinspecties nagenoeg gelijk

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) trof bij importinspecties van plantaardige producten in 2017 bijna net zo veel schadelijke organismen aan als het jaar ervoor. Dat blijkt uit het rapport 'Fytosanitaire signaleringen' waarmee de NVWA jaarlijks een beeld geeft van de plantgezondheid in Nederland.


foto: Nak Tuinbouw

De NVWA voert importinspecties uit om te voorkomen dat voor planten schadelijke insecten, schimmels, bacteriën, aaltjes en virussen zich vestigen in Nederland en andere landen van de Europese Unie. Deze schadelijke organismen worden ook wel quarantaine-organismen genoemd. De organismen vormen geen enkele bedreiging voor de volksgezondheid. Jaarlijks worden in Nederland circa 350.000 zendingen planten en plantaardige producten aangeboden voor importinspectie. In 2017 trof de NVWA bij deze inspecties 358 schadelijke organismen aan. In 2016 waren dat er 337 en in 2015 311.

Voorbeelden van schadelijke organismen zijn Phyllosticta citricarpa (de veroorzaker van Citrus Black Spot), de tabakswittevlieg die bij paprika- en tomatenplanten ernstige schade kan veroorzaken en rupsen van de katoenuil of de legerrups die schade kunnen veroorzaken aan groenten, fruit, bloemen en andere landbouwgewassen.

Bij inspecties van bloemen en zogenoemde uitgangsmaterialen zoals zaden en stekken trof de NVWA in 2017 minder schadelijke organismen aan. Dit aantal daalde van 174 in 2016 naar 109 in 2017.

Bron: NVWA

Publicatiedatum :



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© BPnieuws.nl 2018